Deze bladzijde weergeven in het :   Frans   Nederlands
 
  ZOEKEN

Zoeken van A tot Z
 
Professionelen > Dierlijke productie > Dieren > Handel in bijzondere diersoorten (Richtlijn 92/65, "bezemrichtlijn")
Professionelen Over het FAVV Organogram Contact Autocontrole Checklists "Inspecties" Dierlijke productie / Dierengezondheid Plantaardige productie Hoeveverkoop Erkenningen, toelatingen en registratie Export naar derde landen Financiering van het FAVV Invoer derde landen Laboratoria Levensmiddelen Meldingsplicht Wetgeving Zelfstandige dierenartsen Zelfstandige bio-ingenieurs, industrieel ingenieurs, bachelors en masters Publicaties Praktisch Voorlichtings- en begeleidingscel Comités Auditcomité Raadgevend Comité Wetenschappelijk Comité Consumenten

 
 


Handel in bijzondere diersoorten (Richtlijn 92/65, "bezemrichtlijn")



 
Algemene bepalingen
   
 

De voorwaarden voor het handelsverkeer en de invoer van bijzondere diersoorten zijn vastgelegd in het koninklijk besluit van 18 december 2015 tot vaststelling van de veterinairrechtelijke voorschriften voor het handelsverkeer en de invoer van bepaalde levende dieren en tot vaststelling van de voorschriften voor de erkenning van instellingen, instituten en centra.

Europees zijn deze bepalingen vastgelegd in richtlijn 92/65 (ook wel gekend als de ‘bezemrichtlijn’).
   
 

Met bijzondere diersoorten worden onder meer de volgende soorten bedoeld :

  • Non-humane primaten (Simiae en Prosimiae)
  • Hoefdieren, andere dan de courante nutsdiersoorten, zoals lama’s, alpaca’s, antilopes, herten, kamelen, okapi’s, wilde varkens, tapirs, neushoorns, giraffen, olifanten, nijlpaarden,…
  • Vogels, andere dan pluimvee, voor tentoonstellingen, shows, wedstrijden,…
  • Honingbijen en hommels
  • Jakhalzen, vossen, wolven, hyena’s
  • Beren, zoals ijsberen, koala’s, bruine beren, panda’s,…
  • Wasberen en andere dieren uit de familie van de kleine beren (Procyonidae)
  • Otters, marters, bunzings, dassen, stinkdieren, veelvraten
  • Niet-gedomesticeerde katachtigen zoals poema’s, jachtluipaarden, leeuwen, tijgers en luipaarden
  • Vleermuizen, vleerhonden, vliegende katten, vliegende eekhoorns
  • Buideldieren zoals koala’s, kangoeroe’s, wombats en wallabies
  • Buideldassen, buidelmarters, Tasmaanse duivels, koeskoezen
  • Miereneters, luiaards, gordeldieren
  • Spitsmuizen, mollen, egels
  • Konijnen en hazen
  • Knaagdieren zoals eekhoorns, muizen, ratten, hamsters, bevers, gerbils, woelmuizen, goffers (wangzakratten),…
   
 

Onderstaande diersoorten vallen niet onder de wetgeving voor bijzondere diersoorten :

  • Gezelschapsdieren. Voor het verkeer van gezelschapsdieren, zowel commercieel als niet-commercieel, zie: reizen met gezelschapsdieren (website FOD Volksgezondheid)
  • ‘Courante’ (nuts)diersoorten, meer bepaald: runderen, varkens, schapen, geiten, pluimvee, paarden, vissen en aquacultuurdieren.

Voor meer info hieromtrent, zie :

   
  Alle levende dieren (inclusief sperma, eicellen en embryo’s hiervan) die in het verkeer worden gebracht (verkeer binnen de EU, invoer en uitvoer in/uit de EU,) moeten vergezeld gaan van een gezondheidcertificaat.
   
 

De officiële dierenarts vult het gezondheidscertificaat in nadat hij heeft vastgesteld dat de dieren gezond zijn en dat alle voorwaarden voor certificering vervuld zijn. Alle verkeer van dieren in de EU wordt ingegeven in de TRACES-databank van de EU.

Een aanvraag tot certificering moet gericht worden aan de LCE.
   
   
Registratie en erkenning
   
 

Elke operator die bijzondere diersoorten in het handelsverkeer brengt, invoert of uitvoert, moet worden geregistreerd bij het FAVV.

Daarnaast voorziet het FAVV in de sanitaire erkenning van instellingen, instituten en centra (zie verder onder ‘erkenning van instellingen’).

Om een registratie of erkenning aan te vragen bij het FAVV moet het aanvraagformulier worden overgemaakt aan de LCE.
   
   
Erkenning van instellingen, instituten en centra
   
 

Om erkend te worden als instellingen, instituut of centrum (hierna kortweg ‘instelling’), is tenminste 1 van onderstaande doelstellingen vervuld :

  • Tentoonstelling en educatie van het publiek
  • Instandhouding van diersoorten
  • Wetenschappelijk onderzoek of het fokken van dieren voor dit onderzoek

Erkende instellingen vormen een gesloten circuit waarbinnen dieren vrijer kunnen verhandeld worden. Deze instellingen beschikken immers over een hoge sanitaire status door een hoog niveau van dierengezondheidsbewaking en veel expertise inzake gezondheid van bijzondere diersoorten. Derhalve kan gesteld worden dat het risico op (insleep van) dierziektes in de erkende instellingen lager is en dat dierziektes snel gedetecteerd zullen worden wanneer ze toch zouden opduiken.

Om een erkenning aan te vragen moeten een moet het aanvraagformulier worden ingevuld en overgemaakt aan de LCE.

Hierna zal een officiële dierenarts een inspectie uitvoeren om na te gaan of aan de verschillende erkenningsvoorwaarden is voldaan. Hierbij worden o.a. volgende voorwaarden gecontroleerd :

  • Een erkende dierenarts is verantwoordelijk voor het sanitair beleid
  • Duidelijke afgebakende infrastructuur
  • Aanwezigheid van faciliteiten, materiaal en bekwaam personeel om dieren te vangen, op te sluiten of te isoleren
  • Aanwezigheid van quarantainefaciliteiten
  • Aanwezigheid van een jaarprogramma inzake dierziektenbewaking
  • Procedure voor het uitvoeren van post-mortemonderzoek
  • Procedure voor het wegwerken van kadavers
  • Registers met alle relevante gegevens worden ten minste 10 jaar bijgehouden

Erkende instellingen worden minstens 1 keer per jaar gecontroleerd door een officiële dierenarts om na te gaan of aan alle erkenningsvoorwaarden is voldaan.

Erkende instellingen kunnen enkel dieren binnenbrengen vanuit andere erkende instellingen (in België of het buitenland). Indien toch dieren vanuit een niet-erkende instellingen worden binnengebracht, moet hiervoor voorafgaand een toelating van het FAVV verkregen worden. Niet-humane primaten kunnen enkel tussen erkende instellingen verhandeld worden. Het FAVV kan het binnenbrengen van niet-humane primaten, afkomstig van niet-erkende instellingen (particulieren) toestaan, mits hierbij de specifieke quarantainevoorschriften van het OIE worden nageleefd.

Voor meer informatie: zie de omzendbrief met betrekking tot de erkenning van instellingen, instituten en centra.
   
   
Specifieke voorschriften voor het handelsverkeer van bepaalde diersoorten
   
 

Voor het handelsverkeer van volgende diersoorten zijn er specifieke voorschriften vastgelegd in het KB van 18 december 2015 tot vaststelling van de veterinairrechtelijke voorschriften voor het handelsverkeer en de invoer van bepaalde levende dieren en tot vaststelling van de voorschriften voor de erkenning van instellingen, instituten en centra en zijn er ook specifieke gezondheidscertificaten voorzien :

  • Niet-humane primaten
  • Hoefdieren (andere dan de courante nutsdiersoorten)
  • Vogels (andere dan pluimvee), enkel indien zij gevaccineerd werden tegen aviaire influenza
  • Hommels en bijen
  • Lagomorfen (konijnen en hazen) die bestemd zijn voor het Verenigd Koninkrijk

Voor andere diersoorten (niet-geharmoniseerde diersoorten) moet een algemeen gezondheidscertificaat voor  niet-geharmoniseerde diersoorten worden gebruikt. Dergelijke dieren mogen enkel worden binnengebracht na voorafgaandelijk akkoord van het FAVV.

Er is een specifiek gezondheidscertificaat voorzien voor het handelsverkeer van dieren tussen erkende instellingen.
   
   

Aangifteplichtige dierziekten

   
 

Elke houder van dieren, dus ook de geregistreerde houders van ‘bijzondere diersoorten’ en de erkende instellingen, moeten elk (vermoeden van) optreden van officiële dierziekten melden aan de LCE.

Bij verdenking of voorkomen van een officiële dierziekte, kunnen geen dieren verzonden worden. De erkenning van de instelling wordt geschorst totdat de gezondheidsstatus werd hersteld door het FAVV.
   
   

Andere wetgeving

   
  Wat betreft bedreigde diersoorten moet de CITES-overeenkomst worden nageleefd.
   
   

Invoer van hoefdieren uit niet EU-landen

   
 

Invoer van hoefdieren uit niet EU-landen (derde landen) is enkel toegelaten mits voorafgaand akkoord van het FAVV. De landen van waaruit hoefdieren mogen ingevoerd worden, werden opgelijst door de Europese Commissie (verordening 206/2010) en de invoer is beperkt tot bepaalde diersoorten :

  • Antilopes
  • Bovidae (runderachtigen)
  • Kameelachtigen
  • Hertachtigen
  • Giraffen en okapi’s
  • Nijlpaarden
  • Muskusherten (moschidae)
  • Dwergherten (tragulidae)
  • Varkensachtigen en pecari’s
  • Neushoorns
  • Tapirs
  • Olifanten
Uitzonderingen kunnen door het FAVV worden toegestaan voor de invoer van hoefdieren vanuit erkende instellingen,instituten en centra in derde landen, naar een erkende instelling in België. Hiervoor moet het FAVV voorafgaandelijk aan de invoer een invoermachtiging geven. Hiervoor kan contact worden opgenomen met de LCE.
   
   
Onze opdracht is te waken over de veiligheid in de voedselketen en de kwaliteit van ons voedsel, ter bescherming van de gezondheid van mens, dier en plant.

Afdrukbare versie   |   Laatst bijgewerkt op 22.08.2017   |   Naar boven


Gebruiksvoorwaarden & disclaimer   |   Copyright © 2002- FAVV-AFSCA. Alle rechten voorbehouden   |   Extranet