Deze bladzijde weergeven in het : Frans Nederlands
 
  ZOEKEN

Zoeken van A tot Z
 
Professionelen > Dierlijke productie > Dieren > Dierengezondheid > Vogelgriep > Actueel
Professionelen Over het FAVV Organogram Contact Autocontrole Checklists "Inspecties" Dierlijke productie / Dierengezondheid Plantaardige productie Hoeveverkoop Erkenningen, toelatingen en registratie Export naar derde landen Financiering van het FAVV Invoer derde landen Laboratoria Levensmiddelen Meldingsplicht Wetgeving Zelfstandige dierenartsen Zelfstandige bio-ingenieurs, industrieel ingenieurs, bachelors en masters Publicaties Praktisch Voorlichtings- en begeleidingscel Ombudsdienst Comités Auditcomité Raadgevend Comité Wetenschappelijk Comité Consumenten

 
 

Vogelgriep (Aviaire influenza)

Vorige pagina

Besmettingen met het virus type H3


 

Actualiteit

Sinds begin april 2019 zijn enkele tientallen pluimveebedrijven getroffen door het aviaire influenzavirus type H3. De meeste besmette bedrijven bevinden zich in West-Vlaanderen, enkele in Oost-Vlaanderen en 1 bedrijf in Antwerpen en Luik. De meest voorkomende symptomen op de besmette pluimveebedrijven zijn depressie, een snelle daling van de eiproductie (van 20%-100%), bleke eieren, een daling van water -en voederopname en hoge sterfte (soms tot 50% en hoger).

Wat is aviaire influenza type H3?

Het aviaire influenzavirus type H3 is een virus dat pluimvee aantast en volledig onschadelijk is voor de mens en de voedselketen. Het virus vertoont alle karakteristieken van een laag pathogeen virus, wat wil zeggen dat het virus op zich niet verantwoordelijk kan zijn voor de symptomen en sterfte bij kippen.      
Uiteraard kan dit virus wel bijdragen om de symptomen van andere pathogenen te versterken.

Het is nog niet duidelijk welke andere factoren precies de oorzaak van de klinische symptomen zijn. Daarom ook is het meer dan strikt toepassen van de bioveiligheid absoluut noodzakelijk.
 

Wetgeving

Aangezien besmettingen met een weinig pathogeen H3-virus vallen buiten het kader van de regelgeving van aviaire influenza – deze schrijft enkel maatregelen voor bij hoog pathogene aviaire influenzavirussen en laag pathogene aviaire influenza type H5/H7 virussen – worden er geen specifieke bestrijdingsmaatregelen genomen wanneer H3-virussen wordt vastgesteld op een pluimveebedrijf, net zoals dat evenmin bij een andere niet-gereglementeerde infectie het geval is. Wel is een MB gepubliceerd met preventieve maatregelen bedoeld om de insleep en verspreiding van dit H3-virus te voorkomen.

                 

Maatregelen


Het Ministerieel besluit houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het aviaire influenzavirus type H3 tegen te gaan legt de nadruk op verhoogde bioveiligheidsmaatregelen, met als doel de insleep en verspreiding van het aviaire influenzavirus type H3 in Belgische pluimveebedrijven te voorkomen.       

Samengevat zijn de volgende maatregelen van toepassing op alle pluimveebeslagen in heel België:

  • Pluimvee mag niet therapeutisch behandeld worden, zonder eerst een monstername uit te voeren, wanneer aan de onderstaande drempels voldaan is. Deze gelden op stalniveau (en niet op bedrijfsniveau):
    • een daling van de normale voeder- en waterconsumptie van meer dan 20 %;
  • een sterfte van meer dan 3 % per week;
  • een daling van de leg met meer dan 5 % die langer dan twee dagen duurt;
  • klinische tekenen of letsels bij post mortem onderzoek die wijzen op aviaire influenza.
  • In commerciële pluimveebedrijven moeten de voertuigen bij het binnenkomen en verlaten van het bedrijf gereinigd en ontsmet worden met een toegelaten biocide (zie de volgende link voor een lijst met toegelaten producten: http://www.favv.be/dierengezondheid/vogelgriep/_documents/ListedesPBPT3_H5N1_000.pdf).
  • Het laden van pluimvee van verschillende herkomst op eenzelfde voertuig en het lossen van pluimvee van eenzelfde voertuig op meerdere bedrijven zijn verboden.
  • De toegang tot een pluimveestal of een broeierij is verboden voor alle personen die niet tot het bedrijf behoren. De verantwoordelijke neemt daartoe alle nodige maatregelen. Dit verbod geldt niet voor:
    • het personeel dat nodig is voor de bedrijfsvoering;
    • de dierenarts;
    • medewerkers van het Voedselagentschap en van andere overheden, alsook de personen die in hun opdracht werken.

Al deze personen – maar even goed diegenen die dagdagelijks werken op het bedrijf – moeten bedrijfseigen/wegwerp laarzen en overkledij gebruiken alvorens de pluimveestal of de broeierij te betreden. Zij nemen alle mogelijke voorzorgen om de verspreiding van ziekten te vermijden.

Van de met H3 besmette bedrijven dienen de mest, drijfmest en strooisel van de besmette stallen, worden ontsmet met een toegelaten biocide (zie lijst hoger) en vervolgens worden verwerkt of behandeld overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1069/2009 (= verordening dierlijke bijproducten).

Voor meer vragen omtrent dit probleem, gelieve u te wenden tot uw LCE.

       

         

   

Onze opdracht is te waken over de veiligheid in de voedselketen en de kwaliteit van ons voedsel, ter bescherming van de gezondheid van mens, dier en plant.

Afdrukbare versie   |   Laatst bijgewerkt op 20.05.2019   |   Naar boven


Gebruiksvoorwaarden & disclaimer   |   Copyright © 2002- FAVV-AFSCA. Alle rechten voorbehouden   |   Extranet